Loading...
Recensies 2025Spot Muziek

Man/Woman/Chainsaw maakt podium reputatie waar

GRONINGEN – Man/Woman/Chainsaw is een formatie die, letterlijk en figuurlijk groot geworden is op het podium. Eigenlijk is er nog nauwelijks iets op plaat gezet, maar de live reputatie snelt de band vooruit. Met slechts een enkele single tikt Man/Woman/Chainsaw al de grens van 100 optredens aan en dat betreft dan al prima podia. Aanvankelijk krijgt de band steun van enkele kleinere podia in Londen, waar ze met enige regelmaat terugkeren, maar in de loop van 2023 en 2024 worden de podia steeds groter en de rij van festivals die de band verwelkomen steeds imposanter. Eind 2024, als hun eerste EP is verschenen wordt dan ook de stap over het Kanaal gemaakt met optredens in Parijs en op Left of the Dial in Rotterdam. De teerling is dan geworpen. In maart van dit jaar leert ook de Verenigde Staten Man/Woman/Chaindsaw kennen via een aantal optredens in Texas bij SXSW en staat de formatie, met nog steeds slechts één EP, op onder andere Pukkelpop bij onze Vlaamse benedenburen, staan ze nu op Vicefest in Groningen en mag de Martinistad zich gaan verheugen op nog een optreden, want in de coulissen gaat al fluisterend hun naam als het gaat om Eurosonic/Noorderslag en dat de band zich daar gaat presenteren in begin 2026.

De rudimentaire beginsels van Man/Woman/Chainsaw zijn te herkennen in 2019. Billy Ward, de zanger en gitarist van de band begint op 14 jarige leeftijd samen met Vera Leppänen, zanger en bassist muziek te maken. Nog steeds tiener krijgt de band zijn huidige vorm als eerst Emmie-Mae Avery op zang en toetsen, violist Clio Starwood en Lola Cherry op drums zich aansluiten. Het is de aanloop naar de eerste en enige EP van het stel ‘Easy Peazy’ dat in 2024 verschijnt. Billy Doyle op gitaar maakt de band compleet en in deze line-up komt de band met hun experimentele ongrijpbare post-punk en indierock, waarbij inspiratie wordt geput uit pop, alternative en klassiek, bij de collega’s van The Vices op bezoek voor Vicefest. Een eerste album staat alleen nog in de sterren geschreven, hoewel de verwachting is dat deze in 2026 wel eens zou kunnen verschijnen.

Stevig schiet de band op Vicefest uit de startblokken met ‘The Boss’, een song met verrassende wendingen, waarbij violist Clio Starwood en drummer Lola Cherry zich onderscheiden. Lekkere felle vocalen en een muur van geluid worden afgewisseld met passages met viool of met synths en een fijn outro. Een kennismaking, een tirade, waarbij de verontwaardiging en boosheid fysiek voelbaar zijn, die niet zomaar voorbij gaat. ‘Adam & Steve’ wordt dan ingezet. Heel even lijkt dit een wat kleiner nummer, maar het tempo schiet omhoog en een fijn duet met Billy Ward en Vera Leppänen ontwikkelt zich, waarbij de viool van Starwood weer voor prachtige accenten zorgt. De aankondigingen zijn minimaal. Nu en dan wordt een titel vernoemd, zoals ‘Maddog’. Weer een nummer met uitstekende, volgepakt met woede, zang en mooie verrassende wendingen. Een iets meer ingetogen song, juist omdat het perspectief draait in de tweede helft en de boosheid zich meer manifesteert als verdriet. De band zich prachtig in elkaar, strak, maar met de nadruk op die emotie, vullen alle leden hun deel prachtig in. ‘Goddamn, Lizard Man’ is nieuwer. Een haast gesproken zang, maakt plaats voor harmonieën. In een tragere song, maar met de nodige ingehouden kracht. ‘Maegan’ is dan het begin van het midden- en mooiste deel van het optreden. Een kort nummer, een kakafonie die je op het verkeerde been set en de aanloop vormt naar het schitterende ‘Get Up and Dance’ dat ijl met hoge tonen begint, waarna rustig de zang van Leppänen je meeneemt het nummer in wat zich dan een schitterende progressie heeft, niet in één lijn, maar met wendingen. ‘Only Girls’ is minstens even mooi, met weer die prachtige nadruk op de emotie in dit wat vollere nummer met ook weer een hoofdrol voor de viool, maar ook van beide gitaren van Billy Doyle en Billy Ward. Die lijn wordt vast gehouden in intense en felle ‘Snake Eyes’ waarbij de band de chaos omarmt en dan met fijne tempowisselingen zware kost licht verteerbaar maakt met een prachtige track. Deze reeks aan hoogtepunten, die de buik van het optreden vormen wordt afgesloten met ‘Something Else to Give’ dat rustiger is, met een prima gelaagdheid en fijn harmonieën. Het einde komt dan in zicht met ‘What Lucy found There’ dat een prachtig delicaat toetsenintro heeft van Emmie-Mae Avery voor een gitaar dat delicate aan flarden scheurt en de stem van Ward invalt in dit duet. Het einde is dan ‘Ode to Clio’ waarin de band nogmaals laat zien dat ze naast de wall of sound ze ook heel gevoelig kunnen maken. Een prachtig einde aan een sterk optreden en hopelijk nog vaker een bezoek aan Groningen, want Man/Woman/Chainsaw heeft nog zoveel potentie.