AMEN – Er zijn in de folk muziek tal van liedjes over wegen. High Roads die je kunt nemen, maar ook low roads. Het is in het leven goed om ook af en toe voor een tweesprong te staan, want dat noopt tot contemplatie en af en toe kun je er zelfs voor kiezen om van de gebaande paden te gaan en eens dat andere laantje in te slaan. De Amer in Amen staat natuurlijk bekend als blues café, er wordt ook veel Americana, singer songwriter en Nederlandstalig geprogrammeerd, maar Ierse folk is niet regelmatige kost. Voor Ye Vagabonds was de zaal echter toch van die gebaande paden afgetreden en de weg ingeslagen die men meestal links laat liggen. Met succes. Durf werd beloond met een prachtig optreden en, wellicht nog waardevoller, een heleboel mensen die voor het eerst in de zaal kwamen en wellicht levert dat nieuw publiek op die zich willen laten blijven verrassen door dit Drentse podium bij dit uitverkochte optreden.
Dublin is de stad waar Ye Vagabonds momenteel domicilie houdt. Centraal staan de broers Diarmuid en Brían Mac Gloinn. Geboren in het noorden van Ierland en getogen in het zuiden is het duo gegrepen door de folk tradities van hun vaderland. Aan deze tradities werd echter een moderne draai gegeven en daarmee staat Ye Vagabonds met andere bands zoals Lankum aan de voorfront van een nieuwe impuls van de aloude traditie. Ye Vagabonds doet dat echter op een geheel eigen wijze en leent uit de Amerikaanse folkmuziek uit de jaren 60 en eerdere stromingen, waardoor ze een eigen plek hebben in die vernieuwing. Het duo begon als straatmuzikanten. In 2015 verscheen het met geleende apparatuur opgenomen debuut, de EP ‘Rose & Briar’ en dat werd twee jaar later gevolgd door het debuutalbum ‘Ye Vagabonds’ en diens opvolger uit 2019 ‘The Hare’s Lament’. Albums die de reputatie van de band deden groeien, waarna ‘Nine Waves’ uit 2022 dat bevestigde en meest recent het album ‘All Tied Together’ daar een uitroep teken achter zette. In De Amer, kwam de formatie dit album presenteren. Naast de gebroeders bestond Ye Vagabonds uit Alain McFadden op onder andere harmonium en synths en de gedreven bassist Caimin Gilmore. Gilmore geniet in Nederland enige bekendheid door zijn samenwerking met Lavina Meijer in het project Black Gate. McFadden brengt onder de naam All The Brave Hunters ook zijn eigen muziek uit.
Ye Vagabonds combineert een originele keuze uit de traditionals met eigen werk. Prachtig en met toenemende intensiteit ging het kwartet van start met ‘The Hare’s Lament’, een vegetarisch antwoord op de pauze snack in De Amer, want de haas heeft de overleefd en het lied geschreven, stelden beide broers. In het nummer direct veel van wat Ye Vagabonds zo goed maakt. De sterke harmonieën, waarbij de broers en de rest van de band elkaar onmiddellijk vonden, het intrigerende basspel van Gilmore en een lekkere vlotte opener, die onmiddellijk resulteerde in een ovationeel applaus. Brían Mac Gloinn opende solo en ingetogen nog een traditional met Lowlands of Holland’ waarbij het minder goed afloopt dan met de haas. Aanvankelijk heel ingetogen, werd dit lied mooi opgebouwd met de rest van de band, voor het helemaal terug werd gebracht en de broers bijna a capella eindigden, met nu en dan een vleugje gitaar. Daarna kwam de focus op eigen werk. Het nieuwe album is een soort van ode aan Dublin, maar ook een verslag van het leven daar. Het melancholische ‘Sitric Road’ was erg mooi. Een nummer over de vreugdes van armoede, en bevat dus ook enig sarcasme. Het fenomenale ‘The Flood’ is vlotter en verhalend over een gemeenschap die is ontstaan in een aantal gekraakte industriële gebouwen en daarmee verwant volgde ‘Cuckoo Storm’ dat weer rustig was en gelardeerd met prachtig baswerk over een speciale klop op de deur van krakers, zodat ze wisten dat de bezoeker vriendelijk was. Via de traditionele folksong ‘I’m A Rover’, mooi meegezongen door het publiek kwam de band bij misschien wel het mooiste nummer van de avond. Met heel veel liefde werd ‘Blue is the Eye’ gezongen. Beide broers kwam regelmatig in een vissersgemeenschap, waar ze van een man niet alleen alles leerden over vissen op zee, maar ook veel over folk. Nadat de man moest stoppen met vissen zat hij op zijn balkon dat uitkeek over zee en waakte over de goede vaart en de behouden en succesvolle terugkeer in de thuishaven. Het dierbare was elke tel voelbaar. Na de pauze ging het betrekkelijk snel. Er werd mooi geopend met de traditional over hopeloze liefde ‘I Courted a Wee Girl’. Prachtig was weer met die fantastische, soms rauwe, maar daarom nog imponerendere en oprechtere, harmonieën in het ingetogen ‘Four Walls’ over het vinden van een huis en thuis en die kwaliteit werd doorgetrokken in het a capella van startgaande ‘Mayfly’ en het mooie ‘Young Again’ over samen oud worden. Nog één keer kwam alles samen in het uptempo ‘Danny’ dat na zes liedjes alweer het einde van het optreden betekende. Dat had best iets guller gemogen, want de toegift bestond uit twee liedjes, het instrumentale ‘Humours of Gloinn’ en de intense meezingen ‘Long Grass’ en dat is eigenlijk de lengte van een set. Net als elk nummer kreeg dat toegift een mooie introductie. Het is een nummer over terug keren op je schreden, letterlijk, maar ook figuurlijk om weer iets wat in het verleden fout is gegaan her op te pakken. Ye Vagabonds mogen met die prachtige harmonieën en sterke songs zeker snel terug keren. De Amer leek al op een echte folkclub constateerden ze. De staande ovatie was de invitatie hier terug te komen.