GRONINGEN – Vier dagen duurt het Eurosonic / Noorderslag programma in Groningen en op elke dag had Real Farmer toch mooi een showcase op het programma staan. Op dag 1 was dat in het reguliere Eurosonic programma in De Oosterpoort, dag twee was gereserveerd voor een bucketlist plek bovenaan de trap van Plato bij Platosonic. En hierna volgden nog shows in de Machinefabriek en op Noorderslag. Real Farmer was dus haast onontkoombaar deze januari dagen. Terecht, want de band staat internationaal op doorbreken en met een sterk Groninger invloed mag de Martinistad daar best trots op zijn. Plato vulde zich dan ook voor Real Farmer en werd zeker op de wenken bediend.
In oktober 2024 was Real Farmer te vinden op de Britse eilanden. Een lange toer bracht ze in prachtige zalen en daarbij regende het laaiend enthousiaste reacties van het publiek en werd de band geprezen in recensies. Daarna werd in aanloop naar Eurosonic nog opgetreden in Frankrijk, België en Luxemburg. Inmiddels is de band meer in het buitenland te vinden dan in Nederlandse poppodia. Niet slecht voor een aantal vrienden die samen postpunk liedjes begon te schrijven en nu elkaar helemaal hebben gevonden in een dijk van een band. Real Farmer bestaat uit zanger Jeroen Klootsema en gitarist Peter van der Ploeg, beide stadjers en worden aangevuld met de ook van Personal Trainer bekende drummer Leon Harms en bassist Marrit Meinema die ook onderdeel is van Lewsberg. Prachtige internationale shows, maar één van de grootste hoogtepunten van de band was wel de presentatie van het eerste album ‘Compare What’s There’. Dit debuutalbum werd toch echt gepresenteerd op de vertrouwde planken van Vera in Groningen.
De band begon zijn showcase op Platosonic furieus met ‘Big Stepper’, voor de setlist meelezer ook bekend als ‘Big Steppah’. Een nummer dat een duidelijk Jim Morrison vibe in de zang heeft als Jeroen Klootsema inzet. De eerste troef wordt uitgespeeld en de zaal is wakker en staat lekker mee te deinen, als het nummer heerlijk aan het ontsporen is, maar prima blijft. Die felheid is er ook in ‘It’s Been Hard’ ook bekend als ‘Hard Times’. Een lekker drum intro van Leon Harms bouwt een zeker dreiging op, als dat de bas van Marrit Meinema bijvalt en het een andere draai geeft. Verbeten klinkt dan de zang van Klootsema in dit energieke, maar bozige stuk dat heel fijn is in de opbouw van de emotie en waarop goed de pogo kan worden gedanst om de bozigheid even af te reageren. Dat is niet aan de orde in Plato, en zou ook de nodige vinylschade hebben opgeleverd, maar driftig meeknikkende hoofden zijn te ontwaren in het publiek. ‘Dubby’ staat dan op de agenda. De band speelt alles vlot achter elkaar door. Geen tijd voor een woordje, laat staan een aankondiging. Lied afgelopen, klappen, inzetten is de praktijk. Het blijft dan ook onduidelijk welk nummer precies aan de orde is. Het is in ieder geval een humeuriger donker broedende song, welke met energie en de zang van Klootsema en nu en dan prima spel van Peter van der Ploeg wordt doorbroken in een mooie opbouw waarbij het steeds steviger wordt. Prachtig is ‘I’m Gone’ vooral door de uitstekende zang die erg beklijft. Meinema toont aan dat zij het fundament is van de band in ‘The Straightest Line’. Standvastig is de baslijn het anker waaraan het hectische gitaarspel van Van der Ploeg en de avontuurlijke drumpartijen van Harms zijn vastgemaakt, waarop in dit wederom pittige nummer de zang, afgewisseld met gesproken stukken, van Klootsema drijft. Er werd afgesloten met ‘I Can’t Run’ dat het rustigste nummer van de set was. Europa veroveren daar was Real Farmer al druk mee bezig op eigen kracht, maar zo’n ESNS setje in de rug is zeker niet verkeerd.